Patek Philippe
Sinds 1932 in handen van de familie Stern, en met opzet klein gehouden: de productie groeit hooguit een paar procent per jaar. Patek Philippe is een schoolvoorbeeld van Haute Horlogerie.
Servicebeurt en reparatie van je Patek Philippe
Ook vintage Patek Philippe komt in het atelier binnen: handopwinders, een art-deco horloge in platina en soms een Patek met een quartzuurwerk. Het zijn horloges waar je zuinig op bent, en daar begint het werk ook mee: eerst kijken, dan pas iets doen.
Bij een servicebeurt gaat het uurwerk helemaal uit elkaar en wordt het gereinigd, gesmeerd en afgesteld.
Moet de kast of de band worden opgeknapt, dan gebeurt dat terughoudend: bij een horloge als dit is de kast een deel van de waarde, en polijsten haalt metaal weg dat niet terugkomt. Die afweging maken we samen, voordat er iets gebeurt.
Je krijgt eerst een prijsopgave; pas na je akkoord gaat het werk van start, in het atelier in Weesp.
Geschiedenis
Het verhaal van Patek Philippe begon met twee Polen in ballingschap. Op 1 mei 1839 richtten horlogemaker Antoni Patek en zijn compagnon Franciszek Czapek in Genève Patek, Czapek & Cie op, en gingen zakhorloges maken. Zes jaar later liep de samenwerking op ruzie stuk en werd het bedrijf ontbonden.
Wat daarna gebeurde, maakte het huis. Patek vond een nieuwe compagnon in de Franse horlogemaker Adrien Philippe, de man achter het opwindmechanisme zonder sleutel. Op 15 mei 1845 begonnen ze samen opnieuw, en op 1 januari 1851 stond de naam er zoals we die nu kennen: Patek, Philippe & Cie.
Datzelfde jaar kocht koningin Victoria op de Wereldtentoonstelling in Londen een van hun horloges, bezet met roosgeslepen diamanten in de vorm van een boeket. In 1868 maakte het huis voor gravin Koscowicz van Hongarije het eerste Zwitserse polshorloge. Het Calatrava-kruis, sinds 1887 het merkteken, is ontleend aan een Spaanse ridderorde.

Adrien Philippe liet in 1875 een horloge maken dat hij zijn dochter Louise als huwelijksgeschenk gaf — het enige polshorloge dat Patek of Philippe ooit zelf bezat, en in 2023 geveild als 'The Watchmaker's Daughter' voor 7 miljoen dollar. Haar man, Joseph Antoine Bénassy, volgde Antoni Patek op toen die in 1877 overleed, want Pateks eigen zoon voelde er niets voor.
Sinds 1932 is het huis in handen van de familie Stern, die het midden in de crisisjaren overnam; ze leverden er al jaren de wijzerplaten aan. Vier Sterns hebben het sindsdien geleid, en sinds 2009 is dat Thierry. De aantallen blijven met opzet klein: in 2010 waren het er 40.000, in 2018 62.000, en verder wordt er per jaar hooguit een paar procent bij gedaan — met een plafond.